De optische invertor is een bril die de werkelijkheid op zijn kop zet, links met recht verwisselt en de 3e dimensie binnenstebuiten keert.
Het principe is heel eenvoudig. Twee diakijkers naast elkaar, met de oculairs op oogafstand van elkaar, projecteren 2 beelden van de omgeving op het doorschijnende kapje van plastic. Deze fungeert als matglas.
een diakijker produceert een omgekeerd beeld
twee diakijkers naast elkaar
Deze omgekeerde beelden zijn weer in 3d tevoorschijn te halen door twee andere kijkertjes waarvan het kapje is verwijderd voor te plaatsen. Behalve dat de kijker nu alles op zijn kop en in spiegelbeeld ziet, treedt er nog een effect op: inverse stereo. Dat komt omdat links en rechts met elkaar verwisseld zijn. Inverse stereo wil zeggen dat de diepte wordt omgekeerd: dichtbij lijkt veraf, veraf lijkt dichtbij. (bij een gewone stereofoto bereik je dit effect door het linker en het rechterplaatje met elkaar te verwisselen).
prototype optische invertor
Je raakt als kijker je oriëntatie volkomen kwijt. Elke beweging die je maakt resulteert in precies het tegenovergestelde van wat je verwacht. Vooral voor je lichaamsbewustzijn heeft dat grote gevolgen. Je krijgt een gevoel alsof je ondersteboven en omgekeerd in je lichaam zit. Al laverend moet je je nieuwe omgeving benaderen. Heel vreemd is het omgekeerde diepte-effect, vooral bij bewegingen. Door dat omgekeerde 3D effect ‘klopt’ de wereld niet meer. De ruimtelijke samenhang is verbrokkeld.
Behalve een nieuwe oriëntatie op een alledaagse omgeving, geeft de optische invertor een kijkje in de manipulaties van het brein, die -bij een normaal aangeboden visuele prikkel- resulteren in een samenhangend beeld van de werkelijkheid.
Met de optische invertor ziet de kijker het beeld van de werkelijkheid zoals het op het netvlies geprojecteerd wordt, namelijk omgekeerd en in spiegelbeeld. De kijker moet nu bewust de ‘inverse engineering’ verrichten die het brein automatisch doet.




